Diagnostisch onderzoek

Uit KBS Laurentius wiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Doel
Antwoord geven op de vraag welke invloed indirecte factoren en/of directe factoren hebben op een problematisch verlopend onderwijsleerproces. Een diagnostisch onderzoek kan worden aangevraagd bij meervoudige problematiek, die in directe relatie staat tot het functioneren in school. Het diagnostisch onderzoek is bijvoorbeeld aangewezen bij hardnekkige informatieverwerkingsproblematiek of bij leesproblemen (waaronder dyslexie) en leerproblemen waarbij ook een gedragscomponent in het geding is.

Dit onderzoek geeft richting aan het handelen van de leerkracht en de inrichting van de onderwijsleeromgeving op basis van de in beeld gebrachte mogelijkheden en beperkingen van het kind, waarmee in de onderwijsleersituatie rekening gehouden dient te worden.

Werkwijze
Een diagnostisch onderzoek omvat:

  • een intake met school in principe binnen een consultatiegesprek
  • een intakegesprek met de ouders door orthopedagoog of psycholoog
  • testafname en observatie door psychologisch assistente, onder verantwoordelijkheid van een psycholoog/orthopedagoog
  • onderzoek en observatie door psycholoog/orthopedagoog
  • rapportage van onderzoeksbevindingen met een kader voor de begeleiding en een weergave van de mogelijkheden en beperkingen van het kind en richtinggevende conclusies
  • een uitslaggesprek met ouders en school
  • terugkoppeling naar de consultatiegever die de advisering in een volgend consultatiegesprek met school uitwerkt.

    In de regel wordt tijdens de consultatiebesprekingen in onderling overleg bepaald wat de vraagstelling voor het onderzoek is. Er wordt vervolgens informatie verzameld door middel van gesprekken, observaties en psycho-diagnostisch onderzoek. De onderzoeksbevindingen worden schriftelijk vastgelegd in een rapport voor ouders en school. De concrete uitvoering van de begeleidingsadviezen wordt na overleg met de vaste consultatiegever geformuleerd.